HERSENVLIESONTSTEKING

Wanneer in de klas van uw zoon/dochter iemand een hersenvliesontsteking en/of bloedvergiftiging door meningokokken heeft, is het nodig dat er beschermende maatregelen genomen worden. De gezondheidsinspectie van de Vlaamse Gemeenschap geeft dan advies over wat we moeten doen, voor wie en wanneer.

Het kan nodig zijn dat uw zoon/dochter snel een bepaald antibioticum toegediend moet krijgen om meer gevallen van deze ziekte te voorkomen. Het antibioticum, zorgt er voor dat de gevaarlijke kiem uit de keel van de kinderen verdwijnt. Zo wordt de kans kleiner dat uw zoon/dochter de ziekte krijgt of de kiem doorgeeft aan personen met een minder goed afweersysteem.

Het toegediende antibioticum is geen behandeling van de ziekte. Eens dat de ziekte zich aan het ontwikkelen is, kan dit antibioticum dat niet meer tegenhouden.

Ook als uw zoon/dochter ingeënt werd tegen hersenvliesontsteking (type C) moet het antibioticum gegeven worden. Uw zoon/dochter kan niet meer ziek worden door de kiem waartegen hij/zij ingeënt werd maar kan de kiem wel nog doorgeven aan niet-beschermde mensen.

Het antibioticum moet meestal maar 1 keer gegeven worden. Het wordt best zo snel mogelijk gegeven (binnen de 24 uren na het stellen van de diagnose bij de zieke persoon) en aan ALLE kinderen die nauw contact hadden met de zieke (in een kleuterklas, in een internaat, op kamp, in een huisgezin, …). Bij jonge kinderen wordt een siroopje gegeven. Bij grotere kinderen en jongeren is dit in de vorm van een tablet.

Het is voor u als ouders niet altijd gemakkelijk om naar de huisarts en de apotheker te gaan op zo korte tijd. Daarbij komt ook nog eens dat het voordeliger is als 1 verpakking opgebruikt wordt voor meerdere kinderen. Anders moet elke ouder een volledig doosje bij de apotheker gaan halen en na 1 dosis de rest weggooien.

Wij stellen daarom het volgende voor:

Bij een geval van hersenvliesontsteking en/of bloedvergiftiging door meningokokken zal de CLB-arts in overleg met de gezondheidsinspectie de nodige maatregelen treffen. Dit kan bestaan uit het geven van informatie en/of het toedienen van het noodzakelijke antibioticum in de school zelf. Om tijd uit te sparen, zal het CLB dus niet meer vooraf u als ouder contacteren en om toestemming vragen. Uiteraard krijgt u diezelfde dag een briefje mee naar huis waarop alle uitleg staat. U kan dit briefje dan ook aan uw huisarts laten zien, zodat die op de hoogte is van het soort geneesmiddel dat uw kind kreeg en waarom.

U vraagt best aan uw huisarts of uw kind dit geneesmiddel mag krijgen indien nodig.

  • Als u met dit voorstel akkoord gaat, moet u verder niets doen.
  • Als u NIET wilt dat de CLB-arts uw kind dit geneesmiddel toedient zonder u vooraf te verwittigen, moet u ons dit duidelijk laten weten.
  • U moet dan een briefje schrijven naar het CLB. Wij maken een lijst op van kinderen die GEEN geneesmiddel toegediend mogen krijgen op school.
  • Als u twijfelt of uw kind het geneesmiddel mag krijgen , vraagt u best vooraf advies aan uw huisarts. Doe dit zeker als uw kind ooit allergisch reageerde op medicatie. Laat de CLB-arts weten wat het probleem is indien nodig.


We hopen met dit voorstel snel en efficiënt te kunnen reageren als er zich een hersenvliesontsteking en/of bloedvergiftiging door meningokokken voordoet.

Op deze manier winnen we vooral veel tijd en krijgen alle kinderen snel wat ze nodig hebben. Daarnaast sparen we ook (voor u) geld uit door enkel de noodzakelijke hoeveelheid antibioticum te kopen.

We willen tot slot benadrukken, dat alles in samenwerking met de gezondheidsinspectie zal gebeuren en dat deze maatregelen (gelukkig) maar zelden nodig zijn.

Indien u verder nog vragen heeft, mag u het CLB altijd contacteren.

De CLB directie